Suiker
.......Welkom op asmi-ikben.nl .... dank je wel voor je bezoek

Door aan het universum te vragen wat je wil, heb je de kans om duidelijkheid te krijgen over wat je wil. Zodra het voor jou duidelijk is, heb je gevraagd.
Klik hier voor het filmpje "The Interview With God '

Waarom hebben we geen suiker nodig?


Tijdens de kruistochten werden de Europeanen in het Midden-Oosten pas voor het eerst met suiker geconfronteerd in de vorm van suikerriet. Pas nadat de Spanjaarden en Fransen dit genotmiddel meenamen naar huis begon in de achttiende eeuw de suikercultuur zoals we die vandaag kennen. Suiker was net als kruidnagelen, peper en zout goud waard en werd dan ook tot statussymbool verheven.
Pas wanneer je suiker kon betalen hoorde je er in die tijd pas echt bij. Omdat de vraag het aanbod verre overtrof besloot Napoleon om de
productie van suikerbieten te verhogen waardoor de oorlogskas steeds kon worden aangevuld en de soldaten volledig afhankelijk werden van deze drug.

Geraffineerde suiker, het lekkerste gif op aarde

In 1957 werd aan Dr. William Coda Marin gevraagd wat het verschil is tussen voedsel en gif.
Het antwoord van Dr. Martin was dat medisch gezien onder gif alle substanties worden verstaan die op, in of door het lichaam gemaakt of gebruikt worden welke ziektes veroorzaken. Lichamelijk gezien zijn het alle substanties die de activiteit van een katalysator (omzetter) verstoren of tegengaan in ons lichaam zoals enzymen, hormonen etc. In het woordenboek wordt onder gif verstaan iets dat negatieve werking heeft of tweedracht zaait.

Tafelsuiker of kristalsuiker, of in huishoudelijke termen suiker, is een voedingsmiddel dat geassocieerd wordt met ťťn van de primaire smaken, namelijk zoetheid. De energieinhoud van suiker bedraagt 16,8 kJ per gram (vergelijk: alcohol levert 29,8 kJ per gram). Het hoofdbestanddeel van suiker is sacharose (Engels: sucrose), met molecuulformule C12H22O11.
Alle bekende ziekten zoals ADHD, Reuma, Kanker, Hart en Vaatziekten, Suikerziekte,
Geheugenverlies, Verslavingen etc. etc. etc. hebben fysiek als basis de inname van geraffineerde suiker. Koop eens voor twee tot vier weken alleen produkten bij uw reform of Eko winkel in de buurt. Wanneer u hierbij ook nog eens de 27 geestelijke stress veroorzakers en onverwerkt verleden begint op te lossen dan zult u waarlijk zien dat de wonderen de wereld nog niet uit zijn. Of je allergisch voor geraffineerde suiker bent kan simpelweg getest worden in het ziekenhuis m.b.v. een glucose tolerantie test. De hele medische 3D wetenschap en voedselindustrie zal net zoals de tabaksindustrie op haar grondvesten schudden wanneer de uitslagen van deze testen in de openbaarheid gebracht worden. Suiker maakt meer slachtoffers per dag dan alle doden en gewonden van oorlogen en ongevallen p/d bij elkaar opgeteld.
In de afgelopen jaren is geraffineerde suiker voor ons het belangrijkste voedingsmiddel geworden. In bijna ieder product dat u tegenwoordig koopt zit geraffineerde (dode) suiker. We zijn opgevoed met de illusie dat suiker snel energie verschaft, gezond en lekker is. Het resultaat is dat bijna de hele wereldbevolking verslaafd is geraakt aan een van de meest giftige chemische stoffen die ons lichaam tot zich kan nemen. Door het massale gebruik van suiker wordt zelfs verondersteld dat de negatieve gevolgen groter zijn dan die van tabak en alcohol samen. De Wereld Gezondheids Organisatie (WGO) ziet tandbederf - een regelrecht gevolg van suikerconsumptie - zelfs als de derde volksziekte na kanker en hart- en vaatziekten. Vooral onze jeugd die al extreem blootgesteld wordt aan de andere stress/allergieveroorzakers is de grootste klant van de suikerindustrie. Gaat er wel eens een dag voorbij dat uw kinderen niet volgestopt worden met alle vormen van suiker die er maar bestaan. Het zal ons dan ook niet verbazen dat niet de ouderen maar de jeugd straks de grootste chronische kostenpost van de gezondheidszorg wordt. Het tempo waarmee onze jeugd gifdepots in het lichaam aan het vormen is, is vele malen hoger dan de vorige generaties.
Waarom is suiker zo gevaarlijk voor onze gezondheid.
Ten eerste zorgt het voor tandbederf. Ten tweede is het net zoals tabak, koffie en alcohol uitermate verslavend. Probeer maar eens drie dagen geen suiker te eten. De afkick-verschijnselen zoals stress, trillen, irritatie, zweten etc. voel je door het hele lichaam heen. Dit is trouwens ook het probleem van de meeste dieet. Veel mensen kunnen wel tegen het feit dat ze minder van bepaalde zaken moeten eten maar worden de eerste dagen van het di?ten constant geconfronteerd met het feit dat het lichaam om een suiker ďshotĒ vraagt en ontgiftingsverschijnselen gaat vertonen. Deze behoefte neemt vaak pas na 3-7 dagen af. Misschien zou Kava Kava + hier tijdelijk uitkomst kunnen bieden om de vervelende afkick- ofwel herinneringsverschijnselen van vermageren te neutraliseren. Het suiker behoefte
geheugen van het lichaam wordt op deze manier tijdelijk stilgelegd. Natuurlijk heeft u geen last van afkick verschijnselen wanneer u de daadwerkelijk oorzaak van uw suiker verslaving oplost middels het neutraliseren van de 27 geestelijke stress veroorzakers en onverwerkte verleden. Wist u trouwens dat wanneer je de innerlijke oorzaak van je suiker, alcohol, koffie, drugs, medicijnen, tabak verslavingen eerst innerlijk oplost je automatisch stopt met het uiterlijke gebruik van deze ziekmakende en vaak dodelijke substanties. Dus zijn er ook geen goede voornemens en wilskracht meer nodig om te stoppen met dergelijke substanties.

Ten derde veroorzaakt suiker hypoglycaemie. Om de werking van hypoglycaemie op uw lichaam te begrijpen leggen we u eerst uit welk oorzakelijk verband er tussen levensmiddelen en hypoglycaemie kan bestaan. Onze organische en anorganische voeding bestaat vooral uit:

0. eiwitten (ketens van aminozuren) welke vooral in dierlijke en plantaardige voedingsmiddelen zoals vlees, vis, melkproducten, peulvruchten en eieren voorkomen.
1. vetten welke zowel in dierlijke als plantaardige producten zoals vlees, boter, kaas, olie, vis etc. voorkomen.
2. koolhydraten of gluciden (koolstof, waterstof en zuurstof moleculen) die vooral in suiker of zetmeel houdende producten zoals fruit, aardappelen, brood, rijst, snoep, honing etc. voorkomen.
3. voedingsvezels die we vinden in verse groenten zoals sla, prei, spinazie, witlof, fruit, peulvruchten en onbewerkte granen.

Vooral de koolhydraten zorgen voor de problemen. Na het eten van koolhydraten schiet door de productie van glucose - naast de directe primaire energie de belangrijkste indirecte brandstof van uw lichaam - uw bloedsuikerspiegel na ongeveer een half uur omhoog. De alvleesklier zorgt hierna voor de aanmaak van het hormoon insuline waardoor de glucose kan doordringen in ons weefsel waarna de bloedsuikerspiegel weer omlaag gaat. De opgenomen glucose kan nu als energie gebruikt worden. Wanneer er meer insuline door een verstoorde alvleesklier geproduceerd wordt dan nodig is om de glucose te verwerken wordt het in de voeding aanwezige vet opgeslagen als vetreserves.


We kennen twee soorten koolhydraten. Snelle en langzame. Snelle koolhy-draten waartoe geraffi-neerde suiker, honing, fruit glucose en sacharose behoren worden snel door het lichaam opgenomen (snelle energie) en lang-zame koolhydraten zoals zetmeel welke een verandering moeten onder-gaan in het spijsver-teringsproces voordat ze omgezet kunnen worden tot enkelvoudige suikers (glucose). Tegenwoordig worden koolhydraten dan ook ingedeeld in een glycemische index hetgeen het vermogen om glucose te produceren en de bloedsuikerspiegel te verhogen aangeeft. Is de glycemische index hoger dan 50 dan praten we over slechte koolhydraten. Is deze lager dan 50, dan spreken we over goede koolhydraten. In de slechte categorie vallen suiker in al haar vormen (dus ook alcohol) en witte zetmeel producten.
Vooral wanneer slechte koolhydraten gecombineerd gegeten worden met vetten worden er constant vetreserves opgebouwd.
Chantage suikerindustrie

De grote voedingsmultinatio-nals hebben de gezondheids-organisaties van de Verenigde Naties de oorlog verklaard. Als de World Health Organisation (W.H.O.) en de wereldorga-nisatie FAO blijven verkondigen dat teveel suiker de gezond-heid schaadt, dan zal de indus-trie ervoor zorgen dat de Amerikaanse regering de betalingen aan de gezondheidsorganisaties stop-zet. De maatregel zal zolang duren totdat de WHO en de FAO door de knieŽn gaan.
Productieproblemen

De Europese Unie subsidieert de productie van veel land-bouwproducten, waaronder die van suikerbieten. Dit heeft er toe geleid dat de concurrentieverhoudingen op de wereldmarkt tussen biet-suikerproducenten en rietsui-kerproducenten zijn verstoord: rietsuikerproducenten kunnen niet concurreren tegen de goedkope suiker en bescherm-de bietsuikermarkt van de Europese Unie. Dit is een voortdurend twistpunt in de Wereldhandelsorganisatie.
Suiker. Suiker is goed voor je. Maar niet te veel. Daarom het waarom. In worst, in soep, in zure haring. In ham, in kaas, in borrelhapjes. Waarom zit overal suiker in? En een vraagje even tussendoor. Hoe maak je suiker van een biet? Dat mogen de verslaggevers van de Keuringsdienst van Waarde niet weten en niet zien. De Nederlandse suikerindustrie verbiedt de televisie toegang tot de bietenvelden en de fabrieken. Maar in het buitenland maken ze ook suiker en schijten ze minder in hun broek van een camera en een prangende vraag: wie heeft de suiker in de erwtensoep gedaan? Tenslotte: vruchtensuiker en bruine suiker zijn beter dan de witte van bieten. Weer een zekerheid minder?

Even schrikken?

    * 1 Danone toetje bevat 5 klontjes suiker
    * Pot Yoghonaise (dus minder vet) bevat 13 klontjes suiker
    * Een flesje Milk & Fruit Mango van Friesche Vlag  9 klontjes suiker
    * AH tomatenketchup 45 klontjes suiker
klik hier voor actuele informatie
ASMI-Ik Ben is een onderdeel van Applaudite BV



Over ons
We communicate via internet more and more now-a-days.
So we would like to thank Applaudite for helping us with our online identity.
If you have any concerns please read our disclaimer, or contact us.
Home                Wie zijn wij                Coaching          Behandelmethode     Zin en Onzin      Cursussen    Vragen          Sitemap      
                                      
Zwndel maakt gelukkig

(het volgende artikel hebben we integraal overgenomen van Wij Worden Wakker. Het artikel werd geschreven door Tony Edwards


Een korte geschiedenis van aspartaam
Aspartaam (E951 NutraSweet, Canderel, Natrena en onnoemelijk veel andere merken) is een van de meest lucratieve additieven ooit. Het komt in meer dan 6000 producten voor en wordt door meer dan 200 miljoen mensen gebruikt. Van hen gebruikt 10 procent maar liefst
125 gram per jaar, volgens het Aspartame Informatione Center1. Hierna volgen enkele mijlpalen uit de geschiedenis van dit beruchte additief.

1965 Toevallige ontdekking van 'een organische stof met een duidelijke sucrose [suiker]- achtige smaak' door geneesmiddelenreus G.D. Searle.
1970 Amerikaanse neurowetenschapper dr. John W. Olney ontdekt  dat aspartaam hersenschade veroorzaakt bij  muizen.
1974 De FDA laat aspartaam toe op  de markt voor beperkt gebruik in 'droge voeding',
maar herroept dat later.
1980 De FDA stelt een Onderzoekscommissie samen als reactie op  Japanse gegevens waaruit blijkt dat aspartaam wellicht hersentumoren veroorzaakt bij  ratten. De commissie adviseert tegen toelating.
1981 januari Op  de dag na de aanstelling van de Republikeinse president Ronald Reagan
dient Donald Rumsfeld, bestuursvoorzitter van G.D. Searle en donateur van de
Republikeinen, een aanvraag in voor volledige toelating door de FDA.
1981 juli De FDA laat aspartaam toe voor gebruik in droge voeding, met als acceptabele dagelijkse inname (ADI) 50 mg/kg lichaamsgewicht per dag.
1983 De FDA staat ook  gebruik in dranken toe.
1985 De Europese Voedselautoriteiten (EFSA) staan aspartaam toe voor gebruik in alle levensmiddelen en wijst het nummer E951 toe.
1987 De FDA Task Force meldt dat 'Searle niet alle feiten uit experimenten aan de FDA
heeft doen toekomen [Ö] experimenten zijn slecht opgezet, onnauwkeurig uitgevoerd of niet correct geanalyseerd dan wel gerapporteerd'.
1998 De Amerikaanse klinisch psycholoog prof. Ralph Walton analyseert 166
onderzoeken naar aspartaam die door onafhankelijke collega's zijn beoordeeld op
juistheid (peer reviewed): de onderzoeken die door de industrie zijn betaald,    wijzen allemaal uit dat aspartaam veilig is, terwijl 91 procent van de     onafhankelijke onderzoeken concludeert van niet.
2001 september In Nederland worden aan minister Borst kamervragen gesteld over de
veiligheid van aspartaam. Zij antwoordt met het gebruikelijke verweer dat de stof    door gerenommeerde toxicologen van de EU is onderzocht.
2006 maart Italiaanse wetenschappers tonen aan dat aspartaam kankerverwekkend is.
2006 mei De EFSA verklaart dat 'er geen reden is voor nader onderzoek naar de veiligheid van aspartaam'.
2007 april De FDA 'stelt vast dat er geen reden is om  de eerdere conclusie te herzien dat
aspartaam veilig is als zoetstof voor algemeen gebruik in voedingsmiddelen'.
2007 november Internationale wetenschappers in dienst van de Burdock Group in
Washington DC ('met onze oplossingen voor de voedingsindustrie zet u uw producten veilig en winstgevend in de markt  ') verklaren dat 'de schaal van het         bestaande bewijsmateriaal over aspartaam doorslaat naar de conclusie dat het veilig is bij  de huidige mate van consumptie'2.

Voetnoten:
1 www.aspartame.org
2 Crit Rev Toxicol, 2007; 37: 629-727


Bijwerkingen van aspartaam
Onder de Wet Vrijheid van Informatie werd de FDA in 1993 gedwongen haar database vrij te geven waarin ze negatieve symptomen heeft opgeslagen. Daarin zaten meldingen van
10.000 mensen uit de algehele bevolking. Aspartaam was het vaakst onderwerp van klachten die consumenten indienden. Hierna volgt de lijst van de bijwerkingen die bij  de FDA werden gemeld, in volgorde van frequentie.
o hoofdpijn
o duizeligheid, slecht evenwicht
o stemmingsverandering
o braken of misselijkheid
o buikpijn en krampen
o veranderingen in het gezichtsveld
o diarree
o toevallen en stuipen
o grand mal aanvallen
o geheugenverlies
o vermoeidheid en verzwakking
o andere neurologische symptomen
o uitslag
o slaapproblemen
o netelroos
o hartritmeveranderingen
o jeuk
o gevoelsveranderingen (doof gevoel of tintelen)
o plaatselijke zwellingen
o veranderd activiteitsniveau
o ademhalingsproblemen
o gevoelsveranderingen in de mond
o verandering van menstruatiepatroon
Klinisch gerapporteerde bijwerkingen uit wetenschappelijke literatuur zijn:
o hoofdpijn 1
o depressie 2
o bloedplaatjestekort 3
o syndroom van SjŲgren 4 (chronische ontsteking van de traan- en speekselklieren)
o fibromyalgie 5

Voetnoten:
1 Neurology, 1994; 44: 1787-1793
2 Biol Psychiatry, 1993; 34: 13-17
3 South Med J, 2007; 100: 543
4 South Med J, 2006; 99: 631-632
5 Ann Pharmacother, 2001; 35: 702-706



Een van de grootste mysteries op  het gebied van levensstijl is dat de Amerikanen, die de meeste vetarme dn suikervrije producten ter wereld gebruiken, ook  het meest te lijden hebben onder obesitas. De verklaring ligt vreemd  genoeg  in kunstmatige zoetstoffen. Ze veroorzaken niet alleen veel ziekten, waaronder kanker, maar maken ook  dik.

Dat er zoveel Amerikanen te dik  zijn, verbaast de artsen al jaren. Amerikanen zijn namelijk grootverbruikers van dieetartikelen en kunstmatige zoetstoffen. Deze tegenstelling noemen ze inmiddels de 'Amerikaanse paradox'.

Al eerder hebben we artikelen gepubliceerd over ťťn mogelijke verklaring van die paradox: er zijn steeds meer medische bewijzen dat we van vet helemaal niet dik  worden, en trouwens ook  niet dun van een vetarm dieet. Inmiddels zijn er nieuwe onderzoeksgegevens die de paradox nog verder ontrafelen en de conventionele denkwijze nog meer ontwrichten. We hebben het over de ontdekking dat suikervervangers dik  kunnen maken. Stel je voor, mensen gebruiken zoetstoffen met weinig calorieŽn om  af te vallen en ze bereiken het tegengestelde effect!

Daarnaast zijn er steeds meer bewijzen dat deze alomtegenwoordige toevoegingen niet zo onschuldig zijn als de fabrikanten, en de autoriteiten, ons willen doen geloven. Telkens weer duiken er bewijzen op  dat aspartaam kanker kan veroorzaken. Die beschuldiging werd
dertig jaar geleden voor het eerst geuit, maar is nu pas bewezen.
Betekent dit nu het definitieve einde van aspartaam en andere kunstmatige zoetstoffen?

Gewichtige vragen
Terry Davidson en Susan Swithers zijn beiden professor  in de psychobiologie in het Ingestive Behavior Research Center binnen de faculteit Psychologische Wetenschappen van Purdue University in Indiana, VS. Zoals de naam al aangeeft, wordt in dit centrum onderzoek gedaan naar de manier waarop mensen hun eten kiezen. Vijf jaar geleden zijn deze twee wetenschappers, geboeid door de Amerikaanse paradox, met een theorie gekomen. In een artikel genaamd 'Een Pavloviaanse benadering van het obesitasprobleem' opperden ze de mogelijkheid dat het lichaam de voedselinname wellicht reguleert op  basis van smaak. 'Zoals de honden  van Pavlov aanleerden dat het geluid van een bel een teken was dat er voedsel op  komst was, zo  kan het zijn dat mensen aanleren dat zowel zoetsmakende als dikke, stroperige substanties veel calorieŽn bevatten,' zo  luidde hun theorie. 'Het lichaam kan die informatie gebruiken om  te bepalen hoeveel voedsel er nodig is om  in zijn calorische behoeften te voorzien.' Cruciaal is volgens hen dat dit nauwkeurige systeem van regulering wellicht wordt ontregeld door kunstmatige zoetstoffen1.

Onderzoeken
Om  hun theorie te testen maakte hun team gebruik van laboratoriumratten die niets ergers te verduren kregen dan dat ze voeding met gezoete yoghurt voorgezet kregen. De ene groep ratten kreeg yoghurt met een kunstmatige zoetstof (saccharine) en de andere groep met gewone suiker. De resultaten waren zeer bijzonder. De onderzoekers  ontdekten
namelijk dat de ratten die saccharine kregen, in totaal meer calorieŽn consumeerden dan de
ratten die de gewone suiker kregen, en zo  dus uiteindelijk dikker werden. Slechts vijf  weken later waren ze gemiddeld maar liefst 25 procent dikker.

In een tweede, soortgelijk onderzoek zagen de onderzoekers hetzelfde fenomeen. Twee groepen ratten kregen gedurende tien dagen twee verschillende gezoete drankjes, waarvan ťťn met kunstmatige zoetstoffen en ťťn met natuurlijke suikers. Daarna mochten de dieren naar believen eten van een snack met chocoladesmaak en veel calorieŽn. Hoewel de dieren slechts korte tijd kunstmatige zoetstoffen hadden gebruikt, bleek dat een duidelijk effect te hebben op  hun eetlust. De ratten die kunstmatige zoetstoffen kregen, aten veel meer van de snack voordat ze vonden dat ze genoeg hadden gehad.

In een derde onderzoek was het doel het verbruik van calorieŽn te meten. Het bleek dat ratten die saccharine kregen, iets minder energie verbruikten na het eten van een maaltijd met veel calorieŽn en suiker dan de ratten die niet die zoetstof kregen. 'Behalve dat kunstmatige zoetstoffen op  de een of andere manier de voedselinname verhogen, denken we dat ze tevens het mechanisme voor energieverbruik afstompen,' aldus Davidson en Swithers.

Hoewel deze onderzoeken gedaan waren met dieren en dus niet per se van toepassing zijn op  mensen, zien de onderzoekers in dit geval geen reden om  te denken dat het bij  mensen anders zit. 'Een lichaam heeft een natuurlijke aanleg om  op  basis van de zoete smaak te schatten hoeveel calorieŽn voeding en dranken bevat. Kunstmatig gezoete voedingsmiddelen verstoren die natuurlijke aanleg,' zeggen zij. 'Zodra de kunstmatige
zoetstoffen worden vervangen door gewone suiker, kan het lichaam zijn smaakzin niet meer
gebruiken om  het aantal calorieŽn in te schatten.  Het kan gaan aannemen dat een product dat met suiker is gezoet geen calorieŽn bevat, en zo  kan iemand te veel gaan eten'2.

Woord en weerwoord
Uiteraard kwam de voedingsmiddelenindustrie met haar leger aan voedingsdeskundigen snel met een verweer. 'Dit soort onderzoeken dienen de consument niet, omdat ze tot een simplistische redenering leiden over de oorzaken van obesitas' (overgewicht), zegt de Amerikaanse Calorie Control Council. 'Het is waar dat het gebruik van laagcalorische zoetstoffen is toegenomen in dezelfde tijd dat er steeds meer obesitas ontstond. Maar in die tijd nam ook  het gebruik van mobiele telefoons toe en daarvan neemt niemand aan dat ze obesitas veroorzaken.'

Deze repliek weerlegt niet dat de gegevens die Davidson en Swithers tot nu toe hebben verzameld, zeer goed lijken te rijmen met wat we in het echte  leven zien gebeuren. Twintig jaar geleden meldde de arts H.J. Roberts uit Florida, een fervent tegenstander van kunstmatige zoetstoffen, dat 5 procent van zijn patiŽnten 'paradoxale gewichtstoename' vertoonden wanneer ze aspartaam bevattende dranken met weinig calorieŽn dronken, zoals Cola Light3. Recenter werd aan het Health Sciences Center van de universiteit van Texas het verband onderzocht tussen gebruik van kunstmatige zoetstoffen en het gewicht van
mensen. Gedurende acht jaar werden er bijna 2000 mensen gevolgd. Aan het eind had bijna een derde van hen overgewicht, hoewel alle gevolgde personen aan het begin van het onderzoek een normaal gewicht hadden. De analyse bekeek vooral hoeveel frisdranken en andere limonades de mensen dronken. Hoewel de dranken met suiker veel meer calorieŽn bevatten, kwamen juist degenen die voor de light-versies kozen, meer aan. 'Het risico van overgewicht wordt 41 procent groter met elk blikje of flesje light-drank dat iemand per dag nuttigt,' aldus hoofdonderzoeker Sharon Fowler, Master of Public Health, bij  de presentatie van de resultaten op  de 65ste Jaarlijkse Wetenschappelijke Bijeenkomsten van de Amerikaanse Diabetes Vereniging in San Diego in 20054.

Op  zichzelf vormen deze bevindingen natuurlijk geen bewijs voor een causaal verband tussen kunstmatige zoetstoffen en gewichtstoename, aangezien een andere uitleg kan zijn dat naarmate mensen dikker worden, ze vaker overstappen op  light-dranken. Toch leveren ze een duidelijke aanleiding voor nader onderzoek.

Eerder dit jaar lagen light-dranken al onder vuur toen bekend werd dat ze behoorden tot het hoge aantal risicofactoren dat aangeven of iemand vatbaar is hartziekten, het zogeheten Syndrome-X of Metabole Syndroom (MetSyn). Bij een enquÍte onder bijna
10.000 Amerikanen bleek dat het risico dat iemand dat syndroom, krijgt met 34 procent toeneemt wanneer hij een blikje light-frisdrank per dag drinkt. Typische problemen van het syndroom  zijn een hoge bloeddruk, een grote buikomvang, diabetes in een vroeg stadium, en een hoog triglyceridengehalte in het bloed5.

De rol van aspartaam
De best verkopende kunstmatige zoetstof ter wereld is aspartaam.  Dat wordt momenteel in meer dan 6000 producten gebruikt, van light-dranken tot tandpasta's en zelfs vitaminepillen, vaak zonder dat de consument het weet. Zo  wordt het voor de gemiddelde consument onmogelijk om  deze stof te vermijden. Als een stof op  zo  grote schaal en zonder vermelding op  de verpakking gebruikt kan worden, moet volkomen duidelijk zijn dat hij geen kwaad kan. De meeste mensen voelen zich wel gerustgesteld door al die gezondheidsautoriteiten van over de wereld die deze stof hun goedkeuring geven. In de documenten van bijvoorbeeld de Amerikaanse waakhond voor voeding en geneesmiddelen, de Food and Drug Administration (FDA), wordt aspartaam steeds omschreven als
'onschadelijk', of 'een van de meest grondig geteste en bestudeerde toevoegingen voor voeding die de FDA ooit heeft toegelaten' of 'zeer overtuigende documentatie van de veiligheid van aspartaam'.

En toch is de voorgeschiedenis van aspartaam allesbehalve vlekkeloos. Altijd zijn er vraagtekens geplaatst bij  de veiligheid ervan (zie kader p.xx [kader 1]). Vanaf het begin zijn er kritische geluiden geweest van mensen die vragen stelden bij  de chemische samenstelling. Belangrijkste zorg daarbij is het aminozuur fenylalanine. Daarvan is bekend dat het bij  hoge doseringen hersenschade kan opleveren. Hoewel de officiŽle instanties dat wel erkennen, maken ze daarbij altijd de kanttekening dat het alleen geldt voor mensen met fenylketonurie, een zeldzame stofwisselingsstoornis waarbij fenylalanine niet goed
wordt afgebroken in het lichaam. Maar aspartaam bevat tevens aspartaanzuur en methanol.
Beide stoffen kunnen  in het lichaam worden omgezet in potentieel giftige stoffen zoals glutamaat, asparagines en formaldehyde. Van sommige van die stoffen is bekend dat ze neurotoxisch (schadelijk voor zenuwweefsel) zijn en kankerverwekkend.

Al lang geleden leek uit onderzoek een verband aantoonbaar tussen aspartaam en hersentumoren. Kort na de ontdekking van aspartaam besloten dr. John Olney en zijn collega's aan de Washington University Medical School in St Louis een analyse uit te voeren van de gegevens over hersentumoren die het Amerikaanse National Cancer Institute had verzameld. De aanleiding was de 'extreem hoge incidentie' van hersentumoren bij  muizen die met aspartaam werden gevoed. Ze bestudeerden de gegevens van 1975 tot 1992 en ontdekten dat er in de tijd dat aspartaam op  de markt kwam, er 10 procent meer glioblastomen (hersentumoren voorkwamen dan daarvoor6. Hoewel de voedingsindustrie die bevindingen weerlegden met het argument dat de stijging nu weer afvlakt en dat er zelfs minder van zulke tumoren voorkomen, nemen de aanwijzingen toe dat aspartaam effect heeft op  zowel hersenen als kanker.

Effect op de hersenen
Het is onvermijdelijk dat de meeste bewijzen uit proefdieronderzoek komen, waarin aspartaam aan de laboratoriumratten wordt gevoerd. Omdat ratten aspartaam op  dezelfde wijze omzetten als mensen, worden ze als goede proefdieren gezien.
Heel duidelijk is vastgesteld dat aspartaam giftig is voor rattenhersenen; het remt de groei
van de zenuwcellen al af bij  relatief lage doseringen. Deze 'remming van de uitgroei van neurieten' ontstaat reeds bij  een dosering additieven die in het gemiddelde tussendoortje of blikje frisdrank zit, aldus een team van toxicopathologen van de universiteit van Liverpool7. Die toxische (giftige) effecten worden bovendien versterkt wanneer aspartaam gecombineerd is met andere toevoegingen zoals kleurstoffen.
Nog  een effect van aspartaam op  de hersenen treedt op  bij  mensen met een
stemmingsstoornis. Bij een dubbelblind en placebo gecontroleerd cross-overonderzoek met mensen die depressief waren geweest, waren de bijwerkingen van een dagelijkse dosis aspartaam van 30 mg/kg lichaamsgewicht zo  ernstig dat het onderzoek voortijdig werd gestaakt8.

Ook  blijkt aspartaam gevaarlijk te kunnen  zijn bij  mensen met epilepsie, doordat het de drempel voor aanvallen verlaagt of de duur van een aanval verlengt. Dat gebeurt wanneer mensen meer dan het aanbevolen maximum van 40 mg/kg lichaamsgewicht per dag innemen9. Bovendien kan het aanvallen uitlokken bij  mensen die voorheen geen last hadden van epilepsie. Onlangs hebben Belgische eerstehulp-artsen een casus gepubliceerd
'van epileptische aanvallen na een extreem hoge inname van Cola Light' waarvan zij aannamen dat ze werden uitgelokt door de cafeÔne en de aspartaam in die drank10.

Inmiddels zijn er wetenschappers die het mogelijk achten dat de directe en indirecte effecten van aspartaam op  hersencellen en zenuwcellen best een rol zouden kunnen  spelen in de huidige toename van neurologische en gedragsstoornissen onder jonge mensen. Ook kan er een verband  zijn tussen aspartaam en het ontstaan van bepaalde mentale stoornissen en van afwijkingen in leergedrag en emotioneel functioneren11. Die theorie wordt ondersteund door het feit dat de inname van aspartaam op  langere termijn het geheugen van mensen kan aantasten12.

Het verband met kanker
Het grootst is de bezorgdheid om  de gezondheid op  de lange termijn vanwege het verband tussen aspartaam en kanker. Veel van het bewijsmateriaal is afkomstig van ťťn instituut: de European Ramazzini Foundation of Oncology and Environmental Sciences in Bologna. In maart 2006 publiceerden zij de resultaten van een driejarig onderzoek naar aspartaam met
1800 ratten, waarbij ze veel verschillende innames gebruikten die gelijk stonden aan wat mensen meestal gebruiken. Anders dan in voorgaande onderzoeken gingen de onderzoekers door totdat de ratten overleden aan natuurlijke doodsoorzaken voordat ze hen
onderzochten op  kanker.  Een zinvolle benadering daar kanker vooral een ziekte is van de latere leeftijd en dus enige tijd nodig heeft om  zich te manifesteren. De onderzoekers vonden een statistisch significante toename van lymfomen, leukemieŽn en kwaadaardige tumoren in de nieren en zenuwen. Tevens bleek de respons dosis-afhankelijk, oftewel hoe meer aspartaam de rat had gebruikt, des te vaker kwam er kanker voor. De onderzoekers trokken een stevige conclusie: aspartaam is een 'multipotentiŽle kankerverwekkende stof, reeds bij  een dagelijkse dosering van 20 mg/kg lichaamsgewicht, wat veel lager is dan de huidige maximaal aanbevolen dosering'13.

Vervolgens besloten de onderzoekers het een stapje hoger te tillen. Om  de blootstelling zoals die bij  mensen voorkomt nog dichter te benaderen, gaven ze aspartaam aan
zwangere ratten (vanaf dag 12 na de bevruchting) en bleven ze dat na de geboorte aan het
jong geven totdat het een natuurlijke dood stierf. Het bleek dat die blootstelling aan aspartaam al vůůr de geboorte leidde tot nog meer kankersoorten later in het leven, inclusief een significante, dosisgerelateerde toename van borstkanker bij  vrouwelijke ratten14. Deze bevindingen vormden een krachtige bevestiging van wat ze eerder concludeerden. Tegelijkertijd werd aan het Hongaarse Instituut voor Volksgezondheidsonderzoek aan de Universiteit van Pťcs ontdekt dat door aspartaam kankerveroorzakende genen, zogeheten 'oncogenen', vaker tot uiting komen, zelfs bij  de aanbevolen maximale dagelijkse dosis15.

En nu?
Maar zelfs met deze krachtige nieuwe bewijzen geven de regulerende instanties geen krimp. Hoewel het Ramazzini-laboratorium de uitgebreidste biologische tests in de hele
geschiedenis van het onderzoek naar aspartaam heeft uitgevoerd, hebben zowel de Amerikaanse FDA als de Europese Autoriteiten voor de Veiligheid van Voeding (EFSA) ze van tafel geveegd. Dit deden ze vooral op  basis van de resultaten van eerdere dierproeven, hoewel die door de fabrikanten zelf waren uitgevoerd en hoewel sommige van twijfelachtig kaliber waren.
Hoe lang dit uitstel van executie nog zal duren, is een grote vraag. Er wordt beweerd dat
aspartaam toch al op  z'n retour is omdat het patent is verlopen. Het wordt nu op  zo'n grote schaal gemaakt dat het geen winst meer schijnt op  te leveren en dan zal al gauw niemand het meer produceren.
Als dat zo  is, dan zijn we daar mooi vanaf. In de tussentijd herhalen we hier het advies dat
we zo  vaak van de geneesmiddelenfabrikanten krijgen te horen. Lees altijd het etiket wanneer je light-producten of producten met weinig calorieŽn gebruikt.


Veiliger suikervervangers
Als u geen echte suiker wilt gebruiken, maar ook  geen aspartaam, wat dan? Hierna beschrijven we enkele suikervervangers die wel veilig zijn.

Xylitol
Deze natuurlijke koolhydraat zit vooral in berkenbast en lijkt, wanneer het in de fabriek wordt geproduceerd, qua uiterlijk en smaak op  suiker. Het is echter niet helemaal een alternatief voor chemische zoetstoffen aangezien het nog steeds de helft van het aantal calorieŽn van suiker bevat. Anderzijds is de glycemische index-score maar 8. Dat betekent dat het extreem langzaam wordt opgenomen en daarom is het goed voor diabetici en mensen die willen afvallen.

Waarschijnlijk is het tevens een probioticum: een stof die de groei van goede bacteriŽn in de darm bevordert. En het verhoogt de botdichtheid. Het beste gunstige effect van deze stof is echter dat het preventief werkt op  zowel tandbederf1  als middenoorinfecties2.
Wat veiligheid betreft is deze stof echter niet helemaal meer smetteloos nadat er een paar
mysterieuze zaken van vergiftiging bij  honden  zijn voorgekomen, soms met dodelijke afloop. De theorie is dat de stof zorgt voor een snelle stijging van het insulinegehalte waardoor een hond kan instorten, een aanval kan krijgen of ernstige leverschade kan lijden3,4,5. Bij mensen kunnen hoge doseringen leiden tot diarree.

Luo han guo
De stof Luo han guo (ook wel lo han kuo of Momordicavrucht genoemd) is afkomstig van een Chinese vrucht en kan tot 250 keer zo  zoet zijn als suiker, maar bevat nauwelijks calorieŽn. In China wordt het van oudsher gebruikt als een medicinaal kruid voor de behandeling van hoest en keelpijn. Volgens de volksmond leidt het tot een langer leven. In Nederland is het met name  in alternatieve kruidenwinkels en toko's te koop.

Stevia
Stevia is afkomstig van de Zuid-Amerikaanse struik Stevia rebaudiana. Naar men zegt is het tot 300 keer zo  zoet als suiker, maar het mag niet als officieel zoetmiddel worden verkocht. De voedingsautoriteiten in Amerika en Europa vinden namelijk dat de veiligheid niet gegarandeerd is. Maar al bij  een snelle bestudering van de bestaande literatuur wordt duidelijk dat stevia niet alleen onschadelijk is, maar zelfs positieve medische effecten kan hebben zoals een versterkende invloed op  het immuunsysteem6.

Fructo-oligosaccharides
Fructo-oligosaccharides zijn koolhydraten die uit bepaalde planten komen, zoals de Jeruzalem artisjok, uien en bananen. Ze vormen niet alleen een goede zoetmaker maar hebben daarbij probiotische effecten  in de darm,  doordat  ze gunstig uitwerken op  de bifidobacteriŽn7. Ze worden vaak gebruikt om  Candida infecties te voorkomen.

Agavesiroop
De agavesiroop is afkomstig uit de Agave-cactus en veel zoeter dan suiker, maar met de helft van het aantal koolhydraten. De Glycemische index-score is echter 48, dus om  af te vallen is het geen ideaal alternatief.

Voetnoten:
1J Dent Educ, 2001; 65: 1106-1109
2Pediatrics, 1998; 102: 879-884
3J Am Vet Med Assoc, 2006; 229: 1113-1117
4Vet Hum Toxicol, 2004; 46: 87-88
5Veterinary Medicine, 2006; 101: 791-797
6Chem Biol Interact, 2008; 173: 115-121
7Dig Liver Dis, 2006; 38 Suppl 2: S283-287



Share |
Contact  |  Colofon  |  E-mail |  © 2017 Asmi-Ikben  |  DisclaimerHelp